Het is 1984. Staatssecretaris van Landbouw Ad Ploeg zit recht tegenover mij. Rechts van hem zijn secretaris-generaal, aan de andere kant de voorlichter en daarnaast het hoofd juridische zaken. Voor de zoveelste keer hebben we een afspraak op het ministerie van landbouw en visserij over het koosjere slachten. Ook deze keer wordt er geluisterd naar het verhaal van de Joodse delegatie. Totdat... Totdat het hoofd juridische zaken het woord neemt. ‘Rabbijn Van de Kamp, natuurlijk, dat zult u gemerkt hebben, tonen wij respect voor de zorgvuldige manier waarop de Joodse gemeenschap met haar religieuze voorschriften omgaat. Maar u beseft toch ook dat wij ervan op de hoogte zijn dat toen ´uw gemeenschap in de Tweede Wereldoorlog in de kampen zat, u uw wetten ook niet kon naleven...´
23 februari 2011 10:28